Gisteravond is mijn allereerste tv-reportage uitgezonden!!! Bij NOVA! Voor degene die 'm nog niet gezien hebben:
http://player.omroep.nl/?aflID=7048941
(want ja, ben best wel een beetje trots...en moe...van alle indrukken)
maandag 14 april 2008
Mail&Guardian

Alweer een maand in Johannesburg en alweer drie weken aan het werk. Ik begin dus aardig in mijn nieuwe Zuid-Afrikaans werkritme te komen. Hoewel ik geen vaste werktijden heb, begin ik mijn werkdag meestal om ongeveer 9.00uur. Dat betekent dat ik, als ik niet door een collega wordt opgepikt, om 8.15uur de bus of de minibus naar mijn werk neem. De route naar mijn werk ken ik inmiddels uit mijn hoofd en naast een aantal woorden Zulu (mijn collega geeft me een basiscursus) spreek ik inmiddels ook 'de taal van de minibus'.
Aangezien de minibussen niet op vaste plekken stoppen, moet je zelf een seintje geven als je ergens uit wilt stappen. In eerste instantie riep ik (meestal enigszins paniekerig en op het allerlaatste moment als ik de omgeving ineens herkende) datgene dat mij het meest logisch leek, namelijk: 'stop!', of de wat beleefdere variant: 'can you please stop?!' Als fervent minibusganger weet ik inmiddels echter beter. Van achterin de minibus, waar ik heerlijk opgepropt tussen de andere medepassagiers mijn ontbijt nuttig, klinkt nu een nonchalant 'after robot' (stoppen na het volgende stoplicht) of 'short left/right' (links of rechts van straat stoppen).
Werkplek
En zo beland ik elke morgen keurig voor deur van de Mail&Guardian: een groot wit gebouw aan Jan Smuts Avenue, de grote straat die Johannesburg doorkruist. Mijn werkplek telt circa 40 redacteuren. De redactie is, zoals dat in het 'nieuwe' Zuid-Afrika zo mooi heet, 'gemixt'. Dat wil zeggen: blacks, whites, coloureds, Indians etcetera. Mijn directe collega's zijn: Thembelehli uit Soweto, de Indiase Zahira uit Durban (beide zijn net als ik junior reporter); Valencia die als assistent van de eindredacteur werkt; collega Keith die het last minute news doet, mijn supervisor en eindredacteur Riaan die Afrikaans is, en mijn chef Matthew, die Engelse 'roots' heeft.
De sfeer op de redactie is relaxed met veel vrijheid om verhalen te maken. Omdat de Mail&Guardian een 'weekly' is en dus maar een keer per week uitkomt, is er relatief veel tijd voor een artikel.
Werktempo
Maar los daarvan ligt het werktempo ook minder hoog dan in Nederland. Er wordt weinig telefonisch gedaan, voor de meeste dingen gaan redacteuren bij de betreffende instanties of personen langs. En als je op pad gaat voor een verhaal, gaat dat allemaal rustig aan. Op je gemak ga je naar de betreffende locatie, neemt daar uitgebreid de tijd om mensen te interviewen en daarna ga je zeker niet meteen terug naar de redactie. Je gaat nog even ergens iets drinken, of eten, loopt nog een rondje door het centrum, misschien zelfs nog even een winkel in. Of de fotograaf waarmee je bent, moet nog even naar een andere klus, waar je nog even mee naartoe gaat. Daar staat wel tegenover dat iedereen bij de Mail&Guardian 40 uur per week werkt. Geen parttimers dus, daar hebben ze hier nog nooit van gehoord.
Demonstratie
De afgelopen weken weer regelmatig op pad geweest en weer veel indrukken en ervaringen rijker. Naast mijn grotere verhaal over de minibus taxi industrie waar ik mee bezig ben (zie ander blog) ook verschillende nieuwsverhalen gemaakt. Woensdag voor een verhaal naar een demonstratie in het centrum van Johannesburg geweest. Net als in de rest van de wereld werd er hier gedemonstreerd tegen de hoge prijzen van voedsel, benzine en electriciteit. Het was een demonstratie op z'n (Zuid-)Afrikaans, met veel dans en zang. Revolutionaire en anti-kapitalistische liederen en ook het strijdlied van ANC-president Zuma mocht niet ontbreken. Voor het artikel, zie: Thousands march over food, power
Vrijdag naar een bijeenkomst geweest waar de leider van de ANC Youth League sprak over het voorstel van de Youth League om de verkoop van alcohol op zondag te verbieden. Zie het artikel: ANC Youth League continues to fight alcohol abuse.
Kortom, nog steeds genoeg te doen hier! Voor een indruk van mijn nieuwe werkplek, bekijk mijn foto-album.
Kortom, nog steeds genoeg te doen hier! Voor een indruk van mijn nieuwe werkplek, bekijk mijn foto-album.
donderdag 3 april 2008
1 april en Zimbabweaanse vluchtelingen
Mijn eerste drie werkdagen bij de Mail&Guardian ben ik meteen flink aan het werk geweest. Op mijn eerste dag heb ik een verhaal geschreven over 1 april-grappen in de Zuid-Afrikaanse kranten. Een goede manier om een beetje te wennen aan het schrijven in het Engels. Voor de geïntesseerden, zie het artikel: Sector-sharing power? No -- April Fool's Day!
Dinsdag, woensdag en donderdag waren een stuk heftiger. Ik heb respectievelijk een ochtend, avond en een halve dag gespendeerd in de Central Methodist Church van Johannesburg, waar circa 1200 Zimbabweaanse vluchtelingen verblijven (voor degene die de Van Dis-documentaire hebben gezien: die kerk dus!). Een indrukwekkende ervaring. 's Avonds wordt werkelijk elke traptrede in de kerk bezet door slapende vluchtelingen. Het is er donker en het stinkt er behoorlijk, niet zo vreemd ook met 1200 mensen - mannen, vrouwen, baby's - die koken, slapen, eten op zo'n relatief kleine oppervlakte...
Ik heb er vluchtelingen geïnterviewd over de verkiezingen in Zimbabwe: zal Mugabe zijn macht opgeven en gaan ze dan terug naar huis? De meeste vluchtelingen zijn vol hoop, willen zo graag naar huis... Met veel mensen gesproken, allemaal hebben ze een even indrukwekkend verhaal. Voor het resultaat tot nu toe van mijn diverse bezoeken aan de kerk, zie het artikel: 'If Mugabe is still there, I am not going home'.
Ook nog een avond met een collega op pad geweest in het centrum van Johannesburg, voor een verhaal over organisatie die soep uitdeelt aan daklozen. Ongelooflijk hoeveel mensen hier 's nachts op straat slapen! Kreupelen, moeders met kinderen...
Kortom, veel indrukken op mijn eerste drie werkdagen, binnenkort volgt een uitgebreider verhaal van mijn ervaringen, maar dan weten jullie in ieder geval dat ik me hier niet verveel en kunnen jullie alvast twee van mijn artikelen lezen!
Dinsdag, woensdag en donderdag waren een stuk heftiger. Ik heb respectievelijk een ochtend, avond en een halve dag gespendeerd in de Central Methodist Church van Johannesburg, waar circa 1200 Zimbabweaanse vluchtelingen verblijven (voor degene die de Van Dis-documentaire hebben gezien: die kerk dus!). Een indrukwekkende ervaring. 's Avonds wordt werkelijk elke traptrede in de kerk bezet door slapende vluchtelingen. Het is er donker en het stinkt er behoorlijk, niet zo vreemd ook met 1200 mensen - mannen, vrouwen, baby's - die koken, slapen, eten op zo'n relatief kleine oppervlakte...
Ik heb er vluchtelingen geïnterviewd over de verkiezingen in Zimbabwe: zal Mugabe zijn macht opgeven en gaan ze dan terug naar huis? De meeste vluchtelingen zijn vol hoop, willen zo graag naar huis... Met veel mensen gesproken, allemaal hebben ze een even indrukwekkend verhaal. Voor het resultaat tot nu toe van mijn diverse bezoeken aan de kerk, zie het artikel: 'If Mugabe is still there, I am not going home'.
Ook nog een avond met een collega op pad geweest in het centrum van Johannesburg, voor een verhaal over organisatie die soep uitdeelt aan daklozen. Ongelooflijk hoeveel mensen hier 's nachts op straat slapen! Kreupelen, moeders met kinderen...
Kortom, veel indrukken op mijn eerste drie werkdagen, binnenkort volgt een uitgebreider verhaal van mijn ervaringen, maar dan weten jullie in ieder geval dat ik me hier niet verveel en kunnen jullie alvast twee van mijn artikelen lezen!
maandag 31 maart 2008
Welcome to Jo'burg!

‘Welcome to Johannesburg Imke’. Dat staat er op bij aankomst in mijn nieuwe huis op het krijtbord in de keuken. Welkom in de grootste stad van Zuid-Afrika, en de grootste stad van Afrika ten zuiden van Lagos. Welkom in de stad die haar bestaansrecht dankt aan het goud van de Witwatersrand en ooit trekpleister was voor honderdduizenden goudzoekers. Nu heeft ‘the City of Gold’, Jo’burg, Jozi of eGoli met zijn circa acht miljoen inwoners vooral een grote aantrekkingskracht op iedereen met ambitie, en op arme Zuid-Afrikanen op zoek naar werk en een toekomst.
Mijn rit van het Oliver Tambo vliegveld naar mijn nieuwe woning in Auckland Park roept in eerste instantie vage beelden op van mijn bezoek aan de stad in 2002. De skyline met zijn wolkenkrabbers, de brede wegen en de grote afstanden. ‘Het New York van Afrika’ typeerde journaliste Elles van Gelder de stad recentelijk in een van haar artikelen. De stad doet in eerste instantie inderdaad Amerikaans aan.
Maar het is toch echt Zuid-Afrika waar ik ben beland. Dat verraden de verkopers aan mijn autoraam, de ‘black taxis’ met hun roekeloze rijgedrag, de Afrikaanse teksten op de bussen (‘bij nood stamp die ruit uit’), en het Zulu en Xhosa (of een van de andere 11 officiele talen van Zuid-Afrika) dat ik om me heen hoor. Het geeft iets weer van de sfeer waarin ik me de komende zeven maanden ga begeven.
‘Haves’ en ‘have nots’
Een sfeer bepaald door grote tegenstellingen waaraan ik de eerste week nog erg moet wennen. Waar ik tijdens mijn verblijf als student op het Peninsule Technikon in Belville (bij Kaapstad) in 2002 een van de weinige blanke studenten op de universiteitscampus was en me voornamelijk bevond tussen studenten afkomstig uit de township Kayalitsha, maak ik als werkende ‘expat’ ineens veel nadrukkelijker deel uit van de rijke(re), nog steeds voornamelijk blanke, klasse.
Het zijn de immense tegenstellingen tussen de ‘haves’ en ‘have nots’ die de oorzaak vormen voor de enorme criminaliteit in Johannesburg en de bijna panische focus op veiligheid. De wijk waarin ik woon, bestaat uit huizen achter hoge muren met prikkeldraad. Mijn eigen huis heeft tralies voor de ramen en een geavanceerd alarmsysteem. In het donker alleen over straat wordt afgeraden.
Ook als ik overdag door mijn straat loop, kom ik bijna nooit iemand tegen (gelukkig bevindt de levendige wijk Melville zich letterlijk bij mij om de hoek, waardoor ik me in no time tussen de mensen begeef). Lopen is sowieso een zeldzaamheid in deze stad. Niet zo vreemd, want de afstanden zijn groot en Johannesburg kent niet echt een centrum. De bars, restaurants en culturele activiteiten bevinden zich in verschillende suburbs, veelal verstopt in grote shopping malls. Iedereen die het zich kan veroorloven doet dan ook alles met de auto.
Minibusjes
Degene zonder auto, voornamelijk het ‘gekleurd’ deel van de Zuid-Afrikaanse bevolking (en rijbewijsloze personen zoals ik) zijn aangewezen op het systeem van minibusjes. Een systeem dat chaotisch aan doet, maar een feite een ingenieus public transport netwerk vormt. De ontelbare Toyota busjes hebben allemaal hun eigen route en de verschillende bestemmingen hun eigen teken (je wijsvinger opsteken betekent dat je naar town wilt, je middelvinger omlaag brengt je naar de northern suburbs).
Vervoer per minibusje is goedkoop en makkelijk, je loopt naar de straat en houdt er een aan. Geen vaste tijden en lang wachten is er niet bij. Daarnaast is het minibusjescircuit een verademing in vergelijking met de geisoleerde sfeer van shopping malls, grote huizen en dure auto’s waarin ik me toch enigszins verloren voel.
Jo’burg vibe
Het is zo'n eerste week dus vooral wennen, maar langzamerhand begin ik de stad een beetje door te krijgen en iets te voelen van de ‘Jo’burg vibe’ zoals mijn hoofdredacteur bij de Mail&Guardian die bij mijn aankomst steekwoordsgewijs beschreef: een ‘melting pot’ van verschillende nationaliteiten en culturen, een enorme energie, de meest gemixte en vooruitstrevende stad van Zuid-Afrika, daar waar alles gebeurt. ‘It’s this typical ‘Jo’burg vibe’ that makes the city so interesting’.
Mijn bezoek aan de township Alexandria uitkijkend op de rijke noordelijke suburb Sandton, mijn wandeling door het City Centre, mijn bezoek aan de Market Theatre en Melville’s seventh street - met zijn vele jazzcafeetjes, de bars en restaurantjes - laten mij deze eerste week al iets voelen van deze ‘Jo’burg vibe’. En maken dat ik de stad hoe langer hoe meer ga waarderen!
En ja, de Zuid-Afrikaanse stad waar het allemaal gebeurt: wat wil een journalist nog meer? Aan het werk dus, morgen (1 april) mijn eerste officiele werkdag!
Abonneren op:
Berichten (Atom)


